top of page

Zoekresultaten

70 resultaten gevonden met een lege zoekopdracht

  • Emotionele volwassenheid en het dragen van je ouders hun last

    Je persoonlijke heling staat nooit op zichzelf. Het raakt aan iets dat groter is dan jij. Wat jij draagt, is vaak niet alleen van jou. In opstellingen zie je dat meteen. Pijn die door generaties heen is gegaan. Verdriet waar nooit ruimte voor was. Trauma dat is blijven hangen in een familie of gemeenschap. En zolang jij je daar verantwoordelijk voor maakt, blijf je het dragen. Niet uit liefde. (Dat wordt wel vaak gezegd overigens) Je draagt om niet te hoeven voelen wat jij tekort bent gekomen. Omdat je onbewust hoopt dat als de ander heelt, jij alsnog krijgt wat je nodig had. Maar je wilt iets kunnen wat niet kan. De pijn van de ander wordt er niet minder door. En daarbij zeg je eigenlijk: geef jouw onverwerkte shit maar aan mij want jij kan het blijkbaar niet. En dat doen we dus al als kind. Dat is een vorm van arrogantie. En geen liefde. Dat is overleven. Je houdt het systeem in stand in de hoop dat het ooit teruggeeft wat jij gemist hebt. Maar dat gebeurt niet. Op het moment dat je ziet: dit is niet van mij, dit hoort bij mijn ouders, bij hun lot, bij het systeem waar ik uit kom, en ik hoef dit niet meer te dragen, ontstaat er ruimte. Dan stop je met zoeken en vechten. Dan stop je met hopen dat het alsnog goedkomt via de ander. Dat is emotionele volwassenheid.

  • Wat als je wél wat te zeggen hebt..

    Ken je dat? Dat je iets te zeggen hebt, iets wat eigenlijk uit je mond wil rollen, maar je slikt het in. Je voelt het borrelen, het ligt op je tong, maar je houdt je stil. Want stel je voor dat je iemand kwetst. Of dat ze je raar aankijken. Of, nog erger, dat ze je negeren. Als kind was ik daar een ster in. Grote mensen praten, kleine kinderen hebben niets te zeggen. Of: hou jij je mond maar, wat weet jij er nou van. Het was niet eens dat ik niets te zeggen had. Ik had genoeg te zeggen. Maar ergens onderweg leerde ik dat mijn woorden gevaarlijk waren. Dat er risico zat aan mezelf laten horen. Dus hield ik me in. Ik wilde erbij horen. Niet afgewezen worden. Niet dat iemand boos op me werd, of verdrietig. En dat patroon, dat neem je gewoon mee. Zonder dat je het doorhebt. Opeens ben je volwassen en zit je in een vergadering, of aan de keukentafel, en voel je weer die oude spanning. Zal ik het zeggen? Of toch maar niet? Je lacht het weg, maakt een grapje, of je zwijgt. En met jou gaat het prima. Toch? Totdat ik doorhad dat het niet het kind in mij was die nu bang was, maar het verhaal dat ik mezelf bleef vertellen. Dat ik dacht dat ik nog steeds afhankelijk was van de goedkeuring van anderen. Dat ik nog steeds moest zorgen dat niemand zich ongemakkelijk voelde. Maar weet je? Als je blijft zwijgen, als je jezelf blijft inhouden, dan doet dat pijn. Dan daalt je eigenwaarde, elke keer een beetje meer. Je raakt verder van jezelf verwijderd. En toen kwam het keerpunt. Ik zag ineens: ik mag zeggen wat ik te zeggen heb. Niet omdat het altijd makkelijk is, maar omdat het klopt. Er was een opstelling voor nodig om me daar bewust van te worden. Omdat ik mezelf niet langer wilde verliezen in het belang van de ander. En ja, soms vindt iemand daar wat van. Maar dat is niet mijn verantwoordelijkheid meer. Mijn verantwoordelijkheid is trouw zijn aan mezelf. Voel het maar. Onderzoek het maar.

  • Lezen!

    Als kind was lezen mijn uitweg. Verdwijnen in een andere wereld, weg van wat er om me heen gebeurde. Overleven, noem ik het nu. Later werd het zoeken. Naar mezelf. Naar antwoorden. Naar wie ik werkelijk ben. En toen het zoeken stopte, stopte ook het lezen. Vreemd eigenlijk. Alsof ik het niet meer nodig had. Maar nu is het terug. En het voelt heel anders. Gelukkig niet meer om te ontsnappen aan de realiteit. Meer als voeding. Boeken over familiesystemen, over trauma, over systemisch werk. Ze geven me taal voor wat ik al voelde maar niet kon benoemen. (En soms ook gewoon een roman of iets dergelijks) Lezen maakt je talig. Het geeft woorden aan je innerlijke wereld. En dat is waardevol, juist in dit werk. Want hoe helderder je jezelf kunt uitspreken, hoe zuiverder je kunt begeleiden. Maar hier zit ook iets interessants: lees je om kennis te vergaren? Of helpt het je om nieuwe inzichten te ervaren? Misschien wel allebei. En misschien is dat precies wat je nodig hebt op dit moment. Ik ben benieuwd: wat lees jij? En wat doet het met je? Als je op de link klikt kom je bij een lijst met boeken die mij geraakt hebben in mijn opleiding en werk met familieopstellingen. https://www.spiritueelcoach.nl/opleidingfamilieopstellingen/boekenlijst

  • Moederwond

    Jaren geleden zag ik het nog niet. Ik zocht in mijn relaties naar iemand die me zag, begreep, droeg. En als dat niet gebeurde, werd ik boos. Of juist stil. Ik trok me terug of klampte me vast. Ik wist niet dat ik eigenlijk zocht naar iets wat niemand me kon geven. In mijn eerste huwelijk was het een constante innerlijke strijd. Ik wilde gezien worden. Maar hoe harder ik dat wilde, hoe verder hij zich terugtrok. En ik begreep het niet. Ik dacht dat het aan hem lag. Dat hij niet goed genoeg voor me was. Dat hij me niet kon geven wat ik nodig had. Totdat ik begreep wat er echt speelde. Ik droeg een oud verlangen in me mee. Een verlangen naar die liefdevolle aanwezigheid die me had moeten zien en kennen. Niet mijn letterlijke moeder, maar die archetypische warmte en veiligheid waar mijn zenuwstelsel naar hunkerde. Waar ik als kind niet genoeg van had gekregen. Of wel had gekregen maar niet binnen kon laten omdat de innerlijke deur al dicht was gegaan. En ik verwachtte van mijn partner dat hij dat gat zou vullen. Maar dat kan hij niet. Dat is niet zijn taak. Dat was het nooit. Na mijn scheiding dacht ik: nu ga ik het anders doen. Nu ga ik de juiste man vinden. Eentje die het wel snapt. Die wel kan geven wat ik nodig heb. En toen kwam mijn tweede relatie. En raad eens? Precies hetzelfde patroon. Andere man, zelfde dans. Dezelfde teleurstelling. Dezelfde pijn. Pfff wat pijnlijk was dat om te zien. Het moment dat ik naar binnen keerde en die pijn, die eenzaamheid, die woede eindelijk toeliet, veranderde alles. Ik zag dat ik nog steeds dat kleine meisje was dat schreeuwde om aandacht. Om gezien te worden. Om erbij te horen. En niemand, maar dan ook niemand kon dat voor me doen. Mijn ex niet. Mijn huidige partner niet. Mijn moeder niet. Alleen ik. Ik hoefde niet meer te zoeken. Ik kon eindelijk aanwezig zijn. Voor mezelf. Voor dat kleine meisje in mij dat zo lang had moeten wachten. En daardoor ook in relaties. Zonder dat innerlijke werk blijf je kind. Je blijft verwachten, straffen, vluchten. Je blijft herhalen. Andere partner, zelfde pijn. Maar wanneer je je moederwond aankijkt en doorvoelt, word je vrij. Dan kun je eindelijk volwassen liefhebben. Vanuit aanwezigheid in plaats van angst. Byron Katie heeft mij geleerd. Heb je lief of heb je nodig? Wanneer je het doorziet hoef je niet meer te vechten om gezien te worden. Want je ziet jezelf al. En dat maakt alle verschil. Dit patroon zie ik regelmatig terugkomen tijdens een opstellingendag. Het verlangen naar de moeder dat zich verplaatst naar de partner. De teleurstelling die daaruit voortkomt. En de bevrijding als je eindelijk naar binnen keert. In de opleiding systemisch werk en familieopstellingen ga je hier dieper op in. Je leert niet alleen het patroon herkennen, je ondergaat het. Je doorleeft het. En pas dan kun je het echt loslaten. Ook in Jazz, Je Authentieke Zelf Zijn, werk je hiermee. Daar maak je kennis met die delen in jezelf die nog vastzitten in dat oude verlangen. Die nog wachten op die liefdevolle aanwezigheid van buiten. En je leert die aanwezigheid zelf te geven. Want daar begint het. Bij volledig jezelf zijn. Ik wens iedereen een liefdevol 2026! https://www.spiritueelcoach.nl/aanbod/jeauthentiekezelfzijn https://www.spiritueelcoach.nl/opleidingfamilieopstellingen

  • Hoezo ben je niet goed genoeg?

    Hoezo ben je niet goed genoeg? Hoezo je voelt je beter dan de ander? Denk je nou echt dat jij het beter weet dan het leven zelf? Ik ben niet gewenst. Ik ben niet gehoord. Niet gezien. Enzovoort, enzovoort. Wat herkenbaar hè. Voor heel veel mensen. En zeker voor mij. Jarenlang heb ik mezelf wijsgemaakt dat ik er niet bij hoorde. Dat ik er niet toe deed. Wie ben ik nou eigenlijk? Dat gevoel zat zo diep... De vissenkom waar we allemaal in zwemmen Ik had een beeld in mijn hoofd. Een vissenkom. Stel je voor. In die vissenkom daar woont iedereen. Stel je voor dat die vissenkom de wereldbol is, een grote glazen kom vol leven. En jij? Jij zwemt dicht tegen het glas aan. Helemaal aan de rand. Je neus tegen dat koude glas. En je denkt en voelt: ik hoor er niet bij. Wat dat gevoel van niet erbij horen met je doet Dat gevoel. Die overtuiging. Die zorgt voor zoveel destructief gedrag. Je gaat je best doen om er wél bij te horen. Je past je aan, doet alsof, lacht als je eigenlijk wilt huilen. Of je maakt jezelf juist heel klein. Want je bent toch niets waard. Dat heb je jezelf verteld. Keer op keer. Het inzicht dat alles veranderde Maar toen kwam er een moment. Een inzicht dat alles veranderde. Ik zag die vissenkom weer voor me. En ineens snapte ik het! Je voelt dat je er niet bij hoort... maar je zit toch net zo goed in die vissenkom? Net als iedereen. Hoezo dan, ik hoor er niet bij? Alsof je eruit kunt. Alsof je ergens anders bent. Alsof je anders bent dan al dat andere leven in die kom. En daar zat mijn denkfout. Ons aller denkfout misschien wel. Je hoort er al bij In mijn ogen klopt dat niet. Want kijk nog eens goed naar die vissenkom. Je zit er al in. Je zwemt al mee. Misschien tegen het glas aan, misschien in een hoekje, misschien verstopt achter een plantje. Maar je bent er wel. Je zit er al in, dus je hoort erbij. Het is niet eens een keuze. Het is een feit. Je kunt niet níet erbij horen. Dat bestaat niet. Jij bent onderdeel van het geheel. Altijd al geweest. En dat besef... dat gaf zoveel rust.

  • Projectie: Waarom je anderen op een voetstuk zet wanneer je jezelf klein maakt

    Zie je bij anderen iets waar je weerstand tegen voelt? Irritatie misschien, of zelfs afkeer? Dan is de kans groot dat je in projectie zit. En dat is precies wat mij overkwam toen ik bij Amma was. Die enorme weerstand tegen al die devote mensen die haar vereerden... Terwijl ik ondertussen niet doorhad dat ik zélf precies hetzelfde deed. In deze blog neem ik je mee in wat projectie eigenlijk is, waarom je het niet zomaar oplost, en hoe je erdoorheen kunt komen. Vorige week maandag stond ik met een vriendin om 7 uur 's ochtends in de rij in Rijswijk. Voor Amma. Mata Amritananda Mayi Devi, een Indiaas spiritueel leider die miljoenen mensen heeft omhelsd. Ze heeft zich haar hele leven ingezet voor het verlichten van pijn en lijden, en heeft een wereldwijd netwerk van humanitaire organisaties opgezet. Embracing the World heet dat. We wilden de darshan meemaken. Dat moment waarop ze je omhelst en je haar zegening ontvangt. Duizenden mensen komen daarvoor. Het was twee dagen maar ik zei al ik blijf maar één dag. Want ik voelde weerstand. Flinke weerstand zelfs. Wat gebeurt er als je in projectie zit? Projectie is dat je iets in een ander ziet wat eigenlijk van jou is. Maar je herkent het niet als van jou. Je wijst het af. Keurt het af. Of juist het tegenovergestelde: je bewondert het enorm, zet die ander op een voetstuk, terwijl je jezelf klein maakt. Bij Amma zag ik al die mensen chanten, zingen, vol adoratie naar haar kijken. En ik dacht: doe effe normaal. Zo'n verering, die aanbidding... Dat zou ik nooit doen. Ik zet toch niemand op een voetstuk? Maar ondertussen maakte ik mezelf al járen klein. Dat had ik drie weken daarvoor nog gezien. Hoe pijnlijk dat was. Maar wat ik niet doorhad, was dat ik tegelijkertijd anderen op dat voetstuk zette. Want als jij jezelf klein maakt, moet die ander wel groter zijn. Dat is projectie. Je ziet het niet maar je voelt het wel. Die weerstand. Die irritatie. Die afkeer. Of juist die enorme bewondering waarbij je jezelf wegcijfert. En ondertussen loop je vast. Je kunt jezelf niet zijn. Je durft niet op te staan voor jezelf. Je blijft in patronen hangen waarin je jezelf ondergeschikt maakt aan wat een ander vindt, denkt of doet. Of juist het tegenovergestelde. Dat is wat ik onbewust nog deed. Mijn vriendin kende iemand die vrijwillergerswerk deed bij Amma. En sprak over haar, tenminste zoals ik het begreep, dat al het nare kon keren door Amma. En ik moest daar zo nodig wat van zeggen, mezelf bewijzen eigenlijk. Waarom het zo lastig is om van projectie af te komen. Je zou denken: als je doorhebt dat je projecteert, ben je er toch vanaf? Maar nee. Want projectie zit diep. Het is een overlevingsmechanisme. Een manier om jezelf te beschermen tegen iets wat je niet wilt voelen. In mijn geval: de pijn van mezelf klein maken. Die had ik gezien, maar niet volledig gevoeld. En dus bleef het patroon bestaan. Ik zag het in de buitenwereld, bij die devote mensen, maar niet in mezelf. En dat terwijl ik helemaal niet weet of ze zichzelf klein maken... Er zijn natuurlijk manieren om aan jezelf te werken. Je kunt erover nadenken, het analyseren, begrijpen waar het vandaan komt. Maar dat werkt vaak niet. Want projectie is geen rationeel proces. Het is emotioneel. Het zit in je lijf. In je gevoel. En zolang je dat niet doorvoelt, blijft het terugkomen. Alleen doorzien, doorvoelen. Je hoeft dan niet aan jezelf te werken. Je bent al goed genoeg, ook mét je projectie. Geeft niks. En toen was ik aan de beurt voor de darshan. Na uren wachten. Het was kort, intens, mooi. En daarna gingen we rustig zitten. En toen gebeurde er iets. De rust daalde op me neer. Die overweldigende energie van al die mensen was ineens niet meer overweldigend. Er was kalmte. We lieten ook onze Vedische horoscoop trekken. Naar aanleiding daarvan kregen we mooie gesprekken. En mijn vriendin zei op gegeven moment; je hoeft je niet te bewijzen. En ja hoor, daar was het. Die projectie. Ik zat er middenin. Ik zag ineens hoe ik mezelf klein maakte én die ander groot. En hoe dat twee kanten van dezelfde medaille waren. En om dat allemaal niet te hoeven voelen moest ik mezelf zo nodig bewijzen, het beter weten, een innerlijke arogantie. Als je projecteert, sluit je je hart, je deur. Je bent in dat moment ook weg bij jezelf en wat je voelt. Je bent bij die ander, bij je verhaal erover. Wie is er dan bij jou? Nou jij niet in ieder  geval. En wat je onderdrukt laat de buitenwereld wel zien. Bij mij was dat de ander op een voetstuk zetten. Denken dat die ander beter, slimmer enz. is. . Ik had het gezien, maar niet aangenomen. Niet volledig gevoeld. En dus bleef ik het zien bij anderen. In hun verering. In hun aanbidding. En daar had ik weerstand tegen. Maar die weerstand was eigenlijk tegen mezelf. Tegen dat deel in mij dat mezelf wegcijfert. Dat mezelf niet de ruimte geeft. Dat niet durft te staan. En ook tegen de betweterige en arrogante delen. En wat gebeurt er als je dat niet oplost? Dan blijf je vastzetten in diezelfde patronen. Je blijft jezelf klein maken. Je blijft anderen groot maken. Je blijft weerstand voelen tegen dingen die eigenlijk van jou zijn. En je komt niet verder. Je blijft hangen in dezelfde pijn, dezelfde beperking, hetzelfde niet-jezelf-kunnen-zijn. Tijdens de gezamenlijke meditatie met Amma stroomden dikke tranen over mijn wangen. (Ik zat er weer bij als een pandabeer met al die uitgelopen mascara hahaha.) Maar wat een bevrijding. Want dat is wat er gebeurt als je je weerstand doorvoelt. Als je niet meer wegloopt van dat ongemakkelijke gevoel. Als je het toelaat. Helemaal. Totaal. Dan zie je wat het is. Dan voel je waar het vandaan komt. En dan kan het jou loslaten. Een stuk ego lost op. De volgende dag gingen we toch maar weer. We ondergingen een Puja. Een ritueel om je ego af te werpen en Liefde te ervaren. Het duurde twee en half uur. Een leerling van Amma, een zeer humorvolle man afkomstig uit Japan, leidde het. Hij had een grondige opleiding gevolgd in Puja en Vedische astrologie. Het was uitgebreid, zorgvuldig, intens. En het was bijzonder. Heel bijzonder. Omdat het me nog dieper bracht in datverhaal doorzien. In dat doorvoelen van wat er was. Want dat is wat innerlijk werk doet. Het laat je zien wat je niet wilt zien. Het laat je voelen wat je niet wilt voelen. En juist daardoor kom je vrij. Juist daardoor kun je jezelf zijn. Zonder die ander groot te maken. Zonder jezelf klein te maken. Onderzoek je weerstand, doorvoel wat er is. Projectie los je niet op door erover na te denken. Je lost het op door het te voelen. Door te onderzoeken waar je weerstand vandaan komt. Door te kijken naar wat je afkeurt in een ander, en dan te vragen: waar keur ik dit in mezelf af? En dan blijf je daarbij. Juist als het pijnlijk is. Ook als je het niet wilt voelen. Want juist in dat doorvoelen zit de bevrijding. Innerlijk werk, een opstelling, of een goed gesprek met een vriendin, laat precies dat zien. Het maakt zichtbaar wat er speelt. Het laat je voelen waar het vastloopt. En het geeft je de ruimte om je over te geven aan het gevoel. Niet meer te onderdrukken. Om jezelf te zijn. Zonder projectie. Zonder jezelf klein te maken of die ander groot. Het waren mooie dagen in Rijswijk. Bijzonder. En vooral confronterend. Maar dat is wat nodig is. Want pas als je jezelf helemaal toelaat, kun je vrij zijn. En al die devote mensen? Prachtig! Wat een liefde voelen ze. Nu kan ik het zien. Niet dat het devote iets voor mij is maar er is geen irritatie of iets dergelijks meer over hun.  Wil je weten waar jij projecteert? Waar jij jezelf klein maakt of anderen groot? Laten we het samen onderzoeken. Door innerlijk werk. Door een opstelling. Zodat jij kunt staan. Jezelf kunt zijn. Zonder die ander nodig te hebben om je goed of slecht te voelen. https://www.spiritueelcoach.nl/aanbod/opstellingendag https://www.spiritueelcoach.nl/aanbod/jeauthentiekezelfzijn https://www.spiritueelcoach.nl/opleidingfamilieopstellingen Amma, Mata Amritananda Mayi Devi

  • Nekhernia en zelfafwijzing: wat je lichaam vertelt als je jezelf niet vertrouwt

    Waarom nekhernia soms begint in je hoofd Op het moment dat ik dit schrijf lig ik plat met een nekhernia. Mijn nek doet niet eens zo'n pijn, maar mijn schouder en arm... die doen des te meer pijn. Elke houding is vermoeiend. En ik weet precies waar het vandaan komt. Het heeft niets te maken met een verkeerde beweging of te lang achter mijn laptop zitten. Het heeft alles te maken met een moment waarop ik mezelf intellectueel afwees. Een moment waarop ik mijn eigen weten niet goed genoeg vond. Wat er gebeurde Een paar dagen geleden was ik een opstelling aan het begeleiden. Een mooie sessie. De cliënt was betrokken, er was beweging, er waren tranen. En toen vroeg de cliënt waarom ik voor deze benadering koos. Waarom ik het zo aanpakte. En wat deed ik? Ik ging uitleggen. Verantwoorden. Maar dat uitleggen op zich... dat vertelde al iets. Want als je echt staat in je eigen weten, hoef je niet uit te leggen. De opstelling ging verder. Alles leek goed. Maar die vraag bleef in mijn hoofd hangen. De volgende dag zag ik het ineens. Die vraag van de cliënt kwam helemaal niet uit nieuwsgierigheid. Die kwam uit zijn eigen pijn. En ik had dat niet gezien. En daar zat het. Ik vond dat ik dat had moeten zien. Ik wees mezelf af. Ik vond het niet goed genoeg. Wat de Germaanse Geneeskunde zegt. Volgens de Germaanse Geneeskunde hangt nekhernia samen met een intellectueel eigenwaarde-inbreuk conflict. Je wijst jezelf af op het gebied van je denken, je inzicht, je kunnen. En hier komt het bijzondere: de hernia is niet het probleem. De hernia is de genezing. Het is wat er gebeurt als het conflict wordt opgelost. Als je aanvaardt. Als je stopt met jezelf af te wijzen. Hoe ik het oplos Die dag na de opstelling ging ik zitten. Ik voelde die afwijzing. Die teleurstelling in mezelf. En ik liet het er zijn. En toen huilde ik. Dikke tranen. Omdat het zo pijnlijk was om te zien hoe hard ik voor mezelf was. Hoe weinig ik mezelf vertrouwde in dat moment. Maar in dat doorvoelen gebeurde er iets. Ik aanvaardde wat er gebeurd was. Ik stopte met mezelf niet goed genoeg vinden. Ik mocht het pas de volgende dag zien. Dat was oké. En daar... precies op dat moment van aanvaarden... daar ontstond de hernia. Nu lig ik plat. Mijn lichaam herstelt. En ik laat het gebeuren. Waarom behandelingen alleen niet genoeg zijn Ik ga naar de chiropractor. Naar de masseur. Naar de fysiotherapeut. En dat helpt. Mijn lichaam heeft die ondersteuning nodig. Maar het is niet genoeg. Want de chiropractor kan mijn wervels wel op de juiste plek zetten, maar niet mijn innerlijke overtuiging veranderen. De masseur kan wel mijn spieren losmaken, maar niet het conflict oplossen. Als ik écht wil oplossen, moet ik ook naar binnen kijken. Naar de momenten waarop ik mezelf afwijs. Waarop ik mezelf klein houd. Herken je het? Misschien heb jij ook wel nekklachten. Of rugpijn. Of hoofdpijn. Of iets anders wat maar niet weggaat. En misschien is er iets diepers dat opgelost wil worden. Iets wat je lichaam probeert te vertellen. De vraag is: waar wijs je jezelf af? Waar vind je jezelf niet goed genoeg? Het kan intellectueel zijn, zoals bij mij. Maar het kan ook anders zijn. Als ouder. Als partner. Als vriend. Als professional. Voel het maar. Onderzoek het maar. Waar voel je spanning in je lichaam? En wat speelt er op dat moment in je leven? Het is oké om niet perfect te zijn Wat ik weer leer van deze ervaring: (het is niet de eerste keer dat dit gebeurd ) het is oké om niet alles meteen te zien. Het is oké om dingen pas achteraf te begrijpen. Maar het is niet oké om jezelf daarvoor af te wijzen. Want dat is wat pijn doet. Niet het niet-zien zelf. Maar de afwijzing die ik eroverheen gooide. Ik had die opstelling begeleid zoals ik het begeleidde. En ja, ik zag pas de volgende dag dat die vraag uit zijn eigen pijn kwam. En dat mag. Want ik ben niet perfect. Ik zie niet alles. En dat hoeft ook niet. Waar wijs jij jezelf nog af? Kijk eens naar je lichaam. Wat vertelt het je? Waar voel je pijn? En kijk dan naar je leven. Waar vind je dat je iets had moeten zien? Had moeten weten? Waar hou je jezelf klein? Als je het ziet, als je het voelt, als je het toelaat, dan kan het oplossen. En verdwijnt ook de overtuiging. Je gelooft er niet meer in. (Of minder ) Dan kan er ruimte komen. Dan kun je meer jezelf zijn. Niet perfect. Maar wel helemaal jij. En dat is genoeg. Wil je dit onderzoeken in jezelf Je hoeft het niet alleen te dragen. In een opstelling wordt snel zichtbaar waar je jezelf afwijst en wat je lichaam je wil vertellen. Je bent welkom om het samen te onderzoeken.

  • Jij bent van mij

    Jij bent van mij.   Vier woorden die klinken als liefde maar voelen als een kooi.   Het gevoel van geclaimd worden zit vaak heel subtiel verweven in familiesystemen. En het rare is, je merkt het niet eens. Want het wordt verpakt in zorg, in aandacht, in "ik doe het toch voor jou". Maar ergens vanbinnen weet je het wel. Je voelt dat je niet vrij bent om je eigen keuzes te maken. Dat er verwachtingen zijn. Dat je loyaal moet zijn. Dat je er moet zijn voor de ander, ook als het ten koste gaat van jezelf.   "Jij bent van mij" is eigenlijk een omgekeerde beweging in het familiesysteem. Want een kind hoort bij de ouders, niet andersom. Maar wat er dan gebeurt is dat het kind onbewust de boodschap krijgt: jij moet er voor mij zijn. Jij bent er om mij te vullen, om mij gelukkig te maken, om mij niet alleen te laten.   En dan komt die loyaliteit erbij. Want als kind wil je natuurlijk bij je ouders horen. Erbij horen is overleven. Dus ga je voldoen aan die onuitgesproken verwachting. Je wordt loyaal aan wat er van je verwacht wordt, ook al voelt het niet goed. Ook al voel je dat je jezelf verliest.   Ik zie het zo vaak in mijn werk. Volwassen mensen die nog steeds het gevoel hebben dat ze hun ouders niet mogen teleurstellen. Die zich schuldig voelen als ze hun eigen leven leiden. Die zich verantwoordelijk voelen voor het geluk van hun ouders.   En het gekke is, ze weten vaak niet eens dat dit speelt. Want het zit zo diep. Het is er altijd al geweest. Het voelt als normaal. Totdat je het gaat voelen. Totdat je het gaat onderzoeken.   Wat gebeurt er als je die loyaliteit loslaat? Wat gebeurt er als je zegt: ik ben niet van jou, ik ben van mezelf? Pfff, dat voelt eng. Want dan ben je bang dat je de ander kwijtraakt. Dat je afgewezen wordt. Dat je er niet meer bij hoort.   Maar wat er eigenlijk gebeurt is dat je jezelf terugkrijgt. Je krijgt ruimte om je eigen keuzes te maken. Om te voelen wat jij wilt. Om te zijn wie jij bent, zonder schuldgevoel, zonder die constante innerlijke stem die zegt dat je er moet zijn voor de ander. En ook dat kan gek voelen. Moet je dan effe aan wennen.   Het betekent trouwens niet dat je de ander afwijst. Het betekent dat je de juiste plek inneemt in het familiesysteem. Als dochter of zoon van je ouders, met alles wat het je heeft gekost én gegeven. Niet als redder, niet als steun en toeverlaat, niet als degene die hun leegte moet vullen.   Want dat kun je niet. Dat is niet jouw taak. Je bent niet verantwoordelijk voor hoe je ouders zich voelen. Dat is helemaal jouw zaak niet.   En weet je wat er gebeurt als je ouders niet in beeld zijn? Om wat voor reden ook? Dan komt er wel iemand anders in je leven om dat stuk te triggeren in jou. Een partner, een vriend, een collega. Net zolang totdat je het ziet. Totdat je je pijn mag voelen. En het jou dan loslaat.   Want het leven is zo slim. Het blijft je confronteren met precies dat wat je nodig hebt om te zien. Om te voelen. Om te helen. Die loyaliteit, die claim, die zit vaak al generaties lang in het systeem. Het wordt doorgegeven van ouder op kind, van kind op kleinkind. Totdat iemand zegt: stop. Dit is niet van mij. Dit geef ik terug.   En dat is emotionele volwassenheid. Dat je beseft dat je verantwoordelijk bent voor je eigen geluk, voor je eigen keuzes, voor je eigen leven. En dat je ouders verantwoordelijk zijn voor het hunne.   Klinkt simpel. Maar het voelt allesbehalve simpel. Want die loyaliteit zit in je lijf. In je cellen. In je automatische reacties. Dus wat doe je dan? Je voelt het. Je onderzoekt het. Je gaat naar die plekken waar het pijn doet. Waar je je schuldig voelt. Waar je je niet vrij voelt. En je blijft daar. Ook al is het ongemakkelijk. Ook al wil je wegrennen. Want pas als je het écht voelt, als je het helemaal toelaat, kan het bewegen. Kan het oplossen.   Dan zie je ineens dat die claim er niet meer is. Dat die loyaliteit veranderd is in liefde zonder verwachting. Dat je vrij bent om jezelf te zijn. En dat is bevrijdend. Zo bevrijdend! Want dan ben je eindelijk van jezelf. En dat is waar het altijd om had moeten gaan.

  • Depressie

    Depressie. Wat een zwaar woord. En wat een zwaar gevoel. Depressieve gevoelens. Ik heb jaren gedacht dat depressie en depressieve gevoelens iets was wat ik moest bestrijden. Iets wat weg moest. Iets wat niet klopte aan mij en in mij. Maar gelukkig kwam inzicht. En alles veranderde. Depressie is eigenlijk een diepe druk. De-pressie. Onderdrukking. Een neerwaartse beweging. Een uitnodiging om te zakken. Om naar binnen te gaan, naar de diepte. Ineens begreep ik het. Zo! Dat kwam binnen. Want wat doe je als je depressief bent? Je vecht ertegen. Je wilt er vanaf. Je doet alsof het er niet is. Je gaat harder werken, drukker zijn, meer doen. Alles om maar niet te voelen wat er is. Maar wat als depressie helemaal geen vijand is? Wat als het een boodschap is? Een uitnodiging zelfs. Depressie vraagt om rust. Om naar binnen. te gaan. Te zakken ín je lijf. Om te stoppen met rennen. Om eindelijk eens stil te zijn met al die pijn die je al zo lang wegduwt. Pfff wat confronterend was dat inzicht voor me. Want ik had mezelf jaren opgejaagd. Moest altijd doorgaan. Altijd functioneren. Altijd maar weer de schijn ophouden dat alles goed was. Totdat ik niet meer kon. En toen kwam die zware, loodgrijze deken over me heen. Die vermoeidheid. Die leegte. Dat gevoel van... ik kan niet meer. Depressie. En ik schaamde me kapot. Want ik zou toch beter moeten weten? Ik help toch andere mensen? Hoe kan ik dan zelf depressieve gevoelens hebben? Maar depressie is niet je vijand. Het is je vriend. Een boodschap van je lichaam, je ziel, je hele systeem dat zegt: stop. Ga naar binnen. Voel wat er is. Rust. De-pressie. Neerwaartse druk. Niet omhoog blijven gaan. Niet blijven presteren. Niet blijven rennen. Maar zakken. Naar de stilte. Naar de pijn. Naar wat er al die tijd al was maar waar je geen ruimte voor had. En weet je wat er gebeurt als je dat toelaat? Als je stopt met vechten? Als je die gebvoelens omarmt in plaats van afwijst? Dan gebeurt er iets geks. Het wordt lichter. Niet meteen hoor. En meestal niet zoals je denkt dat het zal gaan. Het is geen trucje waarbij alles ineens weer geweldig is. Maar er komt ruimte. Ruimte voor wat er is. Ruimte voor de pijn. Ruimte voor de leegte. En in die ruimte... daar zit de bevrijding. Want als je de depressie niet meer hoeft te bestrijden, hoef je ook niet meer zo hard te zijn voor jezelf. Hoef je niet meer te doen alsof. Hoef je niet meer te presteren om te bewijzen dat je het waard bent. Je mag zijn. Zoals je bent. Want dat ben je al. Met alles wat er is. Ook met de depressie. Ik heb geleerd dat depressie vaak komt als je jezelf al heel lang niet meer echt voelt. Als je zo hard hebt gelopen, zo veel hebt weggestopt, zo lang hebt volgehouden... dat je lichaam zegt: tot hier en niet verder. En dan drukt het je naar beneden. Naar de stilte. Naar jezelf. En dat voelt als sterven. Want je oude ik, die altijd maar doorgaat, die kan niet meer. Die moet loslaten. En dat is doodeng. Maar ook... bevrijdend. Want wie ben je als je niet meer hoeft te functioneren? Niet meer hoeft te presteren? Niet meer hoeft te doen alsof? Wie ben je in de stilte? In de leegte? Dat is wat depressie je vraagt te onderzoeken. Ga erheen. Voel het. Laat het er zijn. Stop met rennen. Daal af naar de diepte en ontmoet jezelf daar. Niet makkelijk hoor. Helemaal niet. Want die pijn... die is er echt. Die leegte... die voelt als een gat waar je in valt. Maar als je blijft, als je niet wegrent, als je het toelaat... Dan ontdek je dat er onder die pijn, onder die leegte, iets anders zit. Stilte. Rust. Ruimte. Jezelf. En vanuit die plek hoef je niks meer te bewijzen. Hoef je niet meer te vechten. Mag je gewoon zijn. Met alles wat er is. Ook met de depressie. Voel het maar. Onderzoek het maar. Het is er niet voor niets.

  • 4 tips om jezelf te bevrijden uit onzichtbare verstrikkingen

    Ik voelde me leeg. Afgestompt. Uitstelgedrag ook. Het gevoel dat ik niets meer te geven had. Misschien herken je het. Je was ooit warm, levendig en zorgzaam. Maar ergens onderweg is er iets gestold. Je sluit jezelf af, houdt iedereen op afstand. Niet omdat je dat wilt, maar omdat het voelt alsof je anders helemaal verdwijnt. Alsof de hele wereld iets van je wil. Ik zie het vaak in mijn werk. Vrouwen die uitgeput zijn. Die irritatie voelen bij nabijheid. Die zich innerlijk terugtrekken van hun partner of kinderen. Die lichamelijk de signalen krijgen: hormonale disbalans, vermoeidheid, koude handen en voeten, neerslachtigheid. En die zich afvragen: wat is er met mij aan de hand? Wat ik zie is dat dit vaak niet alleen jouw verhaal is. Het kan ook het verhaal van je moeder zijn. En misschien zelfs van haar moeder. Dit was ooit de enige manier waarop je lichaam wist hoe het zichzelf kon beschermen. En het mooie is: zodra je ziet wat er werkelijk speelt, kan er ruimte komen. Ruimte voor levenslust, voor aanraking, voor het vertrouwen dat zachtheid veilig kan zijn. Waarom ik deze tips heb gemaakt Ik beschrijf hier één specifieke oorzaak van deze emotionele leegte. Vanuit mijn eigen ervaring en wat ik zie in opstellingen. Het is niet de enige oorzaak, maar wel een die vaak onzichtbaar blijft. Waar niet over gesproken mag worden. Want het systeem zegt: Je hangt niet je vuile was buiten. Mijn moeder is seksueel misbruikt in haar jeugd. Systemisch gezien zie je dan vaak een dochter die niet alleen haar eigen pijn draagt, maar ook de schaamte, bevriezing en onveiligheid van haar moeder. Wanneer moeder seksueel misbruikt is, raakt de vrouwelijke lijn vaak belast met afgesneden levensenergie. De stroom van sensualiteit, speelsheid en vertrouwen in nabijheid wordt dan onderbroken. De dochter voelt dat. Zonder woorden. Ze leert onbewust: nabijheid is gevaarlijk. Vrouw-zijn is iets om je voor te schamen. Ik moet sterk zijn, want kwetsbaarheid is levensgevaarlijk. En zo ontstaat er een overlevingsmechanisme. Het lichaam sluit zich. Het hart gaat dicht. De levensenergie stolt. In opstellingen zie ik dat zodra de moeder gezien wordt in haar eigen lot, haar pijn, de dochter als het ware kan teruggeven wat niet van haar is. Ze is niet verantwoordelijk voor wat haar moeder heeft meegemaakt. Ze is niet verantwoordelijk voor het helen van haar moeder. Voor haar pijn. Maar dat is niet zo makkelijk als het klinkt. Want de dochter ervaart de pijn van haar moeder als die van haarzelf. Ze kijkt als het ware door de ogen van de moeder naar zichzelf en het leven. Wanneer de dochter daar bewust van wordt, kan er langzaam ruimte komen. Voor levenslust, aanraking, en het vertrouwen dat zachtheid en intimiteit veilig kan zijn. Dan word je de vrouw die weer durft te voelen. Niet door te forceren, maar door te erkennen wat bevroren en gestold was. Vanuit die erkenning stroomt iets ouds weer vrij: de natuurlijke beweging van liefde. Want liefde is wat je bent. De tips Tip 1: Reflectie Breng de aandacht eens naar je moeder. Voel wat er in jou gebeurt als je aan haar denkt. Niet met je hoofd, maar in je lijf. Wat ervaar je in je buik, borst of keel als je aan haar denkt? Misschien voel je spanning op je borst. Misschien knijpt er iets in je buik. Misschien voel je niets, alsof er een leegte zit waar eigenlijk iets zou moeten zijn. Stel jezelf de vraag: wat heb ik onbewust voor haar willen dragen? Het antwoord hoeft niet in woorden te komen. Het kan een gevoel zijn. Een beeld. Een herinnering aan hoe je als kind al voelde dat er iets niet klopte. Dat mama verdrietig was of bang, ver weg. En dat jij daar, meestal onbewust, iets mee wilde doen. Ik zie dit vaak bij vrouwen die al jong heel zorgzaam werden. Die hun moeder wilden beschermen. Die haar pijn wilden wegnemen door zelf sterk te zijn, braaf te zijn, niet lastig te zijn. Maar wat je eigenlijk deed was haar last op je schouders nemen. Want haar innerlijke afwezigheid was ondragelijk. Dan liever haar pijn nemen. Dit was ooit de enige manier waarop je lichaam wist hoe het zichzelf kon beschermen. Je nam niet alleen haar pijn over, maar ook haar manier van kijken. Je keek als het ware door haar bril van schuld en schaamte. Je ging mee in haar bevriezing, in haar afstand, in haar onvermogen om nabijheid veilig te laten zijn. En nu, jaren later, voel jij diezelfde afstand in jezelf. Zo loyaal aan haar pijn. Voel maar. Onderzoek het maar. Het hoeft niet meteen anders. Het mag eerst gezien worden. Tip 2: Lichaamsgerichte oefening Laat je energie terugkeren naar jezelf. Ga rechtop zitten. Leg een hand op je onderbuik en adem rustig in. Voel hoe je adem je buik doet bewegen onder je hand. Langzaam, zonder haast. Stel je voor dat je jouw energie, die vaak naar boven of naar buiten gericht is, weer zachtjes naar binnen laat komen. Naar je bekken. Naar je buik. Naar je benen. Je hoeft niets te veranderen. Je mag alleen voelen wat er is. Zeg innerlijk of hardop: Mama, dit is jouw lot. Wat van jou is, laat ik bij jou. Blijf daarna even zitten en voel wat er in je lichaam beweegt of juist stilvalt. Misschien voel je tranen opkomen. Misschien voel je weerstand. Misschien voel je opluchting. Het is allemaal oké. Wat ik vaak zie is dat vrouwen zich schuldig voelen als ze dit doen. Alsof ze hun moeder in de steek laten. Alsof ze ontrouw zijn. Maar het tegenovergestelde is waar. Door te erkennen dat jouw moeder haar eigen lot heeft, haar eigen pijn, geef je haar terug wat van haar is. En daarmee geef je haar de eer die ze verdient. Niet als slachtoffer, maar als vrouw die iets heeft meegemaakt wat erg pijnlijk is. En jij, jij mag gewoon dochter zijn. Niet de redder. Niet de drager. Gewoon dochter. Ik deed deze oefening voor het eerst tijdens een opstelling en ik voelde mijn hele lijf trillen. Alsof er iets losschoot wat al jaren vastzat. Dikke dikke tranen... En daarna, pas daarna, kon ik mijn moeder steeds meer zien zoals ze was. Klein. Kwetsbaar. En toch sterk op haar eigen manier. Tip 3: Schrijfopdracht Geef terug wat niet van jou is Schrijf een brief aan je moeder. Ze hoeft hem niet te lezen. Dit is voor jou. Vertel wat je van haar hebt overgenomen. Wat je hebt geprobeerd te begrijpen. Wat je hebt gedragen zonder dat je het wist. Schrijf het allemaal op. Zonder filter. Zonder het mooier te maken dan het is. Misschien schrijf je: Mama, ik heb jouw angst voor aanraking overgenomen. Ik heb jouw schaamte gevoeld alsof het de mijne was. Ik heb mezelf afgesloten omdat jij dat ook deed. En dan schrijf je een paar zinnen over wat jij nu wél wilt doorgeven. Aan het leven, aan je kinderen, aan jezelf. Wat wil jij dat anders is? Misschien schrijf je: Ik wil dat mijn dochter leert dat nabijheid veilig kan zijn. Dat vrouw-zijn iets moois is. Dat ze mag voelen, mag stromen, mag leven. Of misschien schrijf je: Ik wil zelf weer voelen. Ik wil mijn hart weer openen. Ik wil de warmte die er ooit was weer terugvinden. Toen ik dit zelf deed, schreef ik pagina's vol. Tranen, woede, verdriet... maar ook dankbaarheid. Dankbaarheid dat ik nu mocht zien wat er speelde. Dat ik niet gek was. Dat het logisch was dat ik me zo voelde. En dat ik nu een keuze had. Ik kon blijven dragen. Of ik kon teruggeven. Ik koos voor het laatste. Tip 4: Integratie Zie wat er beweegt in je dagelijks leven. Kijk de komende dagen eens wat er gebeurt in contact met anderen. Merk je dat je meer afstand voelt? Of juist meer nabijheid? Je hoeft niets te veranderen. Alleen te zien wat er beweegt. Misschien merk je dat je minder snel geïrriteerd raakt als je partner je aanraakt. Misschien merk je dat je iets zachter wordt naar je kinderen. Misschien merk je dat je jezelf toestaat om even te huilen zonder dat je jezelf daarvoor veroordeelt. Of misschien merk je dat het juist zwaarder voelt. Dat er meer pijn bovenkomt. Dat je weerstand voelt. Ook dat is oké. Dit proces gaat niet in een rechte lijn. Het gaat in golven. Soms voel je ruimte, soms voel je weer die oude bekende samentrekking. Wat belangrijk is, is dat je ziet wat er speelt. Dat je niet meer automatisch reageert, maar dat je bewust wordt van het patroon. Ik merkte zelf dat ik na een opstelling waarin ik dit thema had onderzocht, wekenlang extra gevoelig was. Alsof er een laag was afgepeld en alles me raakte. Maar tegelijkertijd voelde ik ook meer. Meer vreugde. Meer verbinding. Meer leven. En dat is wat er gebeurt als je verstrikkingen loslaat. Er komt ruimte. Ruimte voor wat er werkelijk is. En dat is niet altijd comfortabel, maar het is wel echt. Vind een veilige plek om dit te onderzoeken Dit zijn tips die je zelf kunt doen. En ze kunnen al veel losmaken. Maar soms heb je begeleiding nodig. Soms is het te groot om alleen te dragen. Vind een veilige plek waar je begeleid wordt om dit thema te onderzoeken. Dat kan een opstelling zijn waarin je kijkt naar de vrouwenlijn. Of een sessie waarin je contact maakt met wat in jouw lichaam bevroren is geraakt. Kies bewust voor een begeleider bij wie je niet hoeft te presteren, maar mag voelen. Waar stilte en vertraging ruimte krijgen. Zodat dat wat lang onderdrukt is, kan thuiskomen in jou. Je hoeft het niet alleen te doen. Sterker nog, het is juist helend om het niet meer alleen te hoeven dragen. Delen is helen. Wat ik vaak zie, is dat wanneer een vrouw bereid is dit te voelen, het leven zelf weer wat zachter gaat stromen. In haar. En in alles wat met haar verbonden is. Dat is de kracht van systemisch werk. Dat is de kracht van het zien wat er werkelijk speelt. En dan, pas dan, word je de vrouw die weer durft te voelen. Die weer durft te leven. Die haar hart weer kan openen. Niet door te forceren, maar door te erkennen wat bevroren en gestold was. Vanuit die erkenning stroomt iets ouds weer vrij: de natuurlijke beweging van liefde. Want liefde is wat je bent.

  • Over relaties en je familiesysteem

    Als je een relatie aangaat met een partner heb je automatisch ook een relatie met zijn of haar familiesysteem En dat is iets wat veel mensen niet doorhebben totdat ze er middenin zitten. Toen ik trouwde met Hans dacht ik dat ik met hém een relatie aanging. Punt. Maar wat ik niet zag, wat ik niet kón zien, was dat ik ook zijn moeder binnenhaalde. Zijn vader. De manier waarop er bij hem thuis werd gesproken. Of juist niet gesproken. De onuitgesproken regels. De pijn die er was. De patronen. En ik kwam bij hém binnen met al mijn bagage. Met dat waar ik nog in verstrikt zat, afwees, compenseerde, goed praatte of loyaal aan was in mijn systeem. Het grappige is... je kiest niet per ongeluk iemand. Je wordt aangetrokken tot wat bekend voelt. Tot wat resoneert met jouw eigen onafgemaakte stukken. Dus als jij je als kind niet gezien voelde, dan kan het zijn dat je een partner kiest die jou ook niet ziet. Of die jou juist overdreven veel aandacht geeft, maar dan voel je je daar ongemakkelijk bij. Want dat is niet wat je kent. En dan begint het echte werk pas. Want in die relatie komen al je triggers naar boven. Al je pijn. Al je overlevingsmechanismes en patronen. Speciaal voor jou! Hans deed iets wat mijn moeder ook deed. Of juist níet deed. En beng, daar was de pijn weer. Precies hetzelfde gevoel als toen. Maar hier is het mooie... als je dat doorhebt, als je ziet dat je niet reageert op je partner maar op je moeder, dan kan er ruimte komen. Dan hoef je je partner niet meer te veranderen. Dan heb jíj́ innerlijk werk te doen. En dat is eigenlijk het cadeau van een relatie. Dat je elkaar de spiegel voorhoudt. Niet om elkaar af te breken, maar om jezelf te zien. Zo wordt je partner je Guru. En dat is soms best pittig hoor... Herken je dit? Zie je ook patronen uit je familiesysteem terug in je relatie? In de opleiding Systemisch Werk & Familieopstellingen ontdek je hoe deze dynamieken werken, en vooral wat daarvan van jou is. Volgend weekend start ook JAZZ – Je Authentieke Zelf Zijn, voor wie wil leven vanuit innerlijke vrijheid en echtheid. https://www.spiritueelcoach.nl/opleidingfamilieopstellingen Liefs Sonja

  • Loslaten Tips: 4 Stappen naar Echte Innerlijke Vrijheid

    Waarom Loslaten Begint bij Vastpakken: 4 Tips voor Echte Innerlijke Vrijheid Loslaten. Iedereen heeft het er over. Laat het los, gewoon loslaten, laat het gaan. Alsof het zo simpel is. Hoe laat je iets los waarvan je niet eens doorhebt dat je vasthoudt? Jaren geleden zat ik in een gesprek met een vriendin die constant zei dat ze haar ex moest loslaten. Ze praatte er elke week over. Hoe ze hem moest loslaten. Hoe ze de pijn moest loslaten. Hoe ze de woede moest loslaten. Ze wilde niet meer verdrietig zijn ook. En ik dacht steeds: maar je houdt hem juist vast door te proberen hem los te laten. Je geeft het namelijk steeds weer aandacht. Want om los te laten, moet je eerst erkennen dat je iets vastpakt. En als je het vastpakt, ben je er al mee geïdentificeerd. Het is onderdeel van je geworden. Dat inzicht veranderde alles voor mij. Loslaten is niet iets wat je doet. Het is iets wat gebeurt. Als een natuurlijk gevolg van een proces dat veel eerder begint. En dat proces? Dat begint bij herkennen. Waarom de meeste loslaat-technieken niet werken De reden dat zoveel mensen vastlopen in het loslaten, is omdat ze bij stap vier beginnen. Ze willen meteen loslaten zonder de eerste drie stappen te doorlopen. Maar je kunt niet loslaten wat je niet herkent. Je kunt niet vrijkomen van iets waarvan je je niet bewust bent. Het is alsof je probeert een knoop los te maken die je niet kunt zien. Ik zie het zo vaak. Mensen die zeggen dat ze hun angst willen loslaten, maar die niet eens weten waar die angst precies over gaat. Of mensen die hun verleden willen loslaten, maar die nog nooit echt hebben gevoeld wat dat verleden met hen heeft gedaan. En dan proberen ze van alles. Meditatie, affirmaties, rituelen. Allemaal gericht op loslaten. Maar het werkt niet omdat ze de basis overslaan. Het ezelsbruggetje dat alles verandert Er is een ezelsbruggetje dat ik gebruik: Herkennen, Erkennen, Expressie, Loslaten. Afgekort; HEEL. Herkennen: je ziet wat er is. Erkennen: je accepteert dat het er is. Expressie: je geeft er uiting aan. Loslaten: Is het gevolg, het laat jou los. Elke stap is essentieel. Je kunt er geen één overslaan. En het mooie is: als je de eerste drie stappen echt doorloopt, gebeurt de vierde vanzelf. Je hoeft niet meer te forceren. Het laat jou los. Tip 1: Herken wat je vastpakt voordat je het wilt loslaten De eerste stap is misschien wel de belangrijkste: herkennen wat je eigenlijk vasthoudt. Niet wat je denkt dat je vasthoudt. Niet wat anderen zeggen dat je vasthoudt. Maar wat je werkelijk vastpakt. Ik herinner me een moment waarop ik dacht dat ik mijn behoefte aan controle wilde loslaten. Ik deed van alles om meer te vertrouwen, om de controle los te laten. Totdat ik doorhad dat ik helemaal niet mijn controle vasthield. Ik hield mijn angst om niet goed genoeg te zijn vast. De controle was alleen maar de manier waarop ik die angst probeerde te managen. Dus in plaats van te focussen op controle loslaten, ging ik kijken naar die onderliggende angst. En dat veranderde alles. Praktisch voorbeeld: Merk op wanneer je je gespannen voelt. Stop dan even en vraag jezelf af: wat probeer ik vast te houden op dit moment? Welk gevoel, welke gedachte, welke situatie? Wees nieuwsgierig in plaats van oordelend. Tip 2: Erken volledig wat er is zonder het meteen te willen veranderen De tweede stap is erkennen. En dat betekent: ja zeggen tegen wat er is. Zonder meteen te willen veranderen, oplossen of weghalen. Dit is waar de meeste mensen vastlopen. Ze herkennen wel wat ze vasthouden, maar ze willen het meteen anders hebben. Ze erkennen hun verdriet, maar willen er meteen vanaf. Ze zien hun angst, maar proberen die meteen weg te redeneren. Maar erkenning betekent: het is er toch al. En als je zegt: het mag er zijn, doe je weer een trucje. Alsof dat wat er toch al is jouw toestemming nodig heeft. Alsof je tegen de regen zegt: je mag er zijn. Hoezo denk ik dan. HET REGENT. PUNT. Zal die regen een worst zijn als jij zegt het mag er zijn. Het is wat het is. Anders was het wel anders toch? Ik had jaren last van een onderliggende onrust. Ik herkende het wel, maar ik wilde er constant vanaf. Ik probeerde het weg te mediteren, weg te analyseren. Totdat ik op een dag besloot om die onrust gewoon te laten bestaan. Om er ruimte voor te maken in plaats van er tegenin te gaan. En wat er gebeurde was bijzonder. Door die onrust te erkennen, kwam er informatie vrij. Ik begon te begrijpen waar die onrust vandaan kwam. Welke boodschap die voor me had. Praktisch voorbeeld: Als je merkt dat je iets vasthoudt, probeer dan te zeggen: Ik zie dat dit er is. En het is er nu. Voel hoe dat voelt in je lichaam. Vaak ontstaat er al wat ontspanning door die eenvoudige erkenning. Tip 3: Geef expressie aan wat je vasthoudt in plaats van het binnen te houden De derde stap is expressie. En dat betekent niet dat je alles moet uitschreeuwen of dramatisch moet doen. Het betekent dat je ruimte geeft aan wat er is om zich te uiten. Expressie kan een zucht zijn. Een traan. Een beweging. Een geluid. Het kan ook zijn dat je erover schrijft, erover praat, of het tekent. Het punt is dat je het niet binnen houdt. Dat je het niet onderdrukt of wegstopt. Ik hield jaren lang mijn teleurstelling vast over hoe mijn leven was gelopen. Ik herkende het, ik erkende het zelfs. Maar ik gaf er geen expressie aan. Ik vond het eigenlijk ook wel zielig voor mezelf. Totdat ik op een dag gewoon begon te huilen. Niet omdat ik dat had gepland, maar omdat het er gewoon uit moest. Ik huilde om alle keuzes die ik niet had gemaakt. Om alle kansen die ik had laten liggen. Om de tijd die voorbij was gegaan. En na die tranen was er ruimte. Letterlijk ruimte in mijn lichaam. Alsof er iets was weggevloeid wat daar niet thuishoorde. Praktisch voorbeeld: Als je iets herkent en erkent wat je vasthoudt, vraag jezelf dan af: hoe wil dit zich uiten? Wat heeft dit nodig om naar buiten te komen? Vertrouw op wat er spontaan opkomt, ook al lijkt het klein of onbelangrijk. Tip 4: Vertrouw erop dat loslaten vanzelf gebeurt als je de eerste drie stappen doorloopt En dan de vierde stap: loslaten. Maar hier is het geheim: je hoeft het niet te doen. Het gebeurt vanzelf. Als je echt hebt herkent wat je vasthoudt, het volledig hebt erkend, en er expressie aan hebt gegeven, dan is er niets meer dat het vasthoudt. Het laat zichzelf los. Het is alsof je een bal onder water houdt. Zolang je hem vasthoudt, blijft hij onder water. Maar zodra je loslaat, komt hij vanzelf naar boven. Niet omdat jij hem omhoog duwt, maar omdat dat zijn natuurlijke beweging is. Ik merkte dit toen ik door dat proces ging met mijn teleurstelling. Na het herkennen, erkennen en de expressie, was er gewoon... niets meer. De teleurstelling was er nog wel, maar ik hield hem niet meer vast. Hij was er, maar hij bepaalde niet meer hoe ik me voelde of wat ik deed. En dat is het verschil. Het gaat niet om het wegkrijgen van moeilijke gevoelens of situaties. Het gaat om het niet meer vasthouden ervan. Praktisch voorbeeld: Let op het moment dat je merkt dat je iets niet meer zo krampachtig vasthoudt. Dat er ruimte ontstaat. Dat je ademhaling dieper wordt. Dat is loslaten in actie. Niet iets wat je doet, maar iets wat gebeurt. De resultaten van dit proces Als je dit proces echt doorloopt, merk je een aantal dingen: Er komt meer rust in je hoofd. Omdat je niet meer constant bezig bent met vasthouden of loslaten. Je gedachten worden helderder en minder chaotisch. Je lichaam ontspant. Vasthouden kost energie. Veel energie. Als je stopt met vasthouden, komt die energie vrij en kan je lichaam ontspannen. Je kunt heldere keuzes maken zonder krampachtig te doen. Omdat je niet meer kiest vanuit wat je vasthoud, maar vanuit wat er werkelijk klopt voor jou. Er ontstaat ruimte om te voelen wat er echt bij je past. In plaats van dat alles wordt bepaald door wat je vasthoudt, kun je voelen wat er authentiek is. En kloppend. En misschien wel het mooiste: er wordt minder geprojecteerd. Je gaat minder je eigen vastgehouden pijn, angst of verdriet op anderen projecteren. Je relaties worden echter en vrijer. Bewust worden van de innerlijke beweging De enige actie die echt nodig is, is bewust worden. Aandacht geven aan die eerste impuls in jezelf die wil grijpen, vasthouden, controleren. Daar even bij stilstaan. In- en uitademen. Die kleine pauze is goud waard. Want precies daar ontdek je de keuze. Je ziet de beweging van binnenuit en kunt besluiten om niet meteen mee te gaan. En als je wel meegaat, doe je dat met bewustzijn. Door die aandacht komt er ruimte. Het verhaal ontspant, het lichaam ademt dieper. En dan kan de expressie vanzelf komen. Een zucht, een traan, een beweging. En dan laat het los. Niet omdat jij dat bedacht hebt, maar omdat er niets meer is dat het vasthoudt. Want als je niks meer vastpakt, hoef je ook niks meer los te laten.

bottom of page